R E N
T M E E S T E R S C H A P
een
cursus in 10 lessen
David
L. Richards
INTRODUKTIE:
Heb je
ook opgemerkt wat een van de eerste woorden is, welke een kind leert uit te
spreken? "Mijn"... Later komt er een ander woord bij: "van
mij". Deze gewoonte groeit totdat het een deel van het leven zelf wordt.
Zo praten volwassenen mensen: mijn auto, mijn boek, mijn huis, mijn geld en de
lijst gaat door. Wel, zijn al die dingen werkelijk van jou? Moet God hier niet
ergens in ons leven geplaatst worden? Dus, voordat we kunnen verstaan wat het
onze is, moeten we zien wat aan God toebehoort.
WAT IS
VAN HEM?
A. Op
grond van de schepping Ps. 24:1
B. OP
grond van de verlossing 1 corr. 6:19, 20
Wij zijn tweemaal van Hem.
C. De
basis van het rentmeesterschap is:
geven... joh.3:16
Christus gaf gal. 2:20
Wij geven II Cor. 8:5
Alles geven Rom. 12:1,2
LES
EEN WAT IS HET RENTMEESTERSCHAP ?
De
betekenis van het woord rentmeester: iemand die voor zijn heer de renten, d.i.
de pachten of huren int; beheerder van een landgoed.
A. Hij
is in de eerste plaats een Dienstknecht of/en slaaf. Zie: Matth. 25:14-30 en Lukas 19:11-17.
Je moet zaken doen voor je meester totdat
Hij terugkomt. Je moet je meester
verrijken. Je moet Zijn Koninkrijk opbouwen en niet je zelf trachten op te richten.
B. Hij
is een deelgenoot.
Zie: 1 cor.3:9 en 11 cor 6:1.
Deelgenoten leggen alles wat ze hebben bij
elkaar, geef alles aan Christus en
Hij zal op zijn beurt alles aan jou geven.
C.
OPSOMMING: Het rentmeesterschap is de houding en reaktie van de mens tot God en Zijn schepping. God is
de eigenaar van alles en de mens is
de verantwoordelijke dienstknecht, die de
uitvoering van Gods programma toevertrouwd kreeg.
D. Wat
verwacht God van mij?
1. Voorbereiding.
2. onberispelijkheid
3. getrouwheid 1 cor. 4:2
4. liefde 11 cor. 5:14, joh. 21:15-17
E.
Rentmeesterschap is niet facultatief.
Als je een christen bent, bwen je niet vrij
om naar eigen keuze een rentmeester
te zijn. Wanneer je een christen wordt
ben je een rentmeester op grond van je verlossing. Het is
echter wel zo, dat je volgens je eigen
keuze een bepaald
soort rentmeester wordt; bijvoorbeeld: goed
of slecht, betrouwbaar of
onbetrouwbaar.
Matth.: 6:33
Christus is op de eerste plaats in je
leven.
De bijbel is het eerste boek voor je.
De gemeente komt op de eerste plaats,
daarna andere instellingen.
De tienden komen op de eerste plaats in je
financien.
In je werk komt het getuigen van de Heer op
de eerste plaats.
Wanneer je op Gods weg wandelt zal Hij je
leiden en laten zien wat je leven
behoort te zijn en hoe het voor Hem gebruikt moet worden.
LES
TWEE SCHRIFTUURLIJKE BASIS VOOR HET
RENTMEESTERSCHAP
I. OUD
TESTAMENTISCH RENTMEESTERSCHAP
A. Rentmeesterschap in het Oude Testament
had te maken met het beheer van
huishoudelijke zaken.
Nationaal.....gezin.......persoonlijk
Mozes
Hebr. 3: 1-5
Salomo
1 Kon. 4: 1-6
B. De soevereiniteit van God
God sprak door Job 41:2
Israel geloofde dit Lev. 25:23
Exodus 19:5,6
Deut. 7:6-8
C. Vaders in het rentmeesterschap
Adam
Gen.2:15
Abraham Gen. 14: 18-20, Ex. 6:1
D. Het levitische systeem
Numeri 18:21, Deut. 5:21, Deut. 19:14
II HET
NIEUWE TESTAMENT
A. Een Oud Testamentisch pricipe
overgenomen door christus.
Matth. 6:33
B. Christus toonde Zichzelf soeverein.
Marcus 2:28
C. Wat de Evangelien leren over het
rentmeesterschap
Lucas 16: 1-8
Matth. 25: 14-30
D. Jezus leerde in woord en in daad
Jezus betaalde zijn belasting...
"geef aan de keizer"
III
RENTMEESTERSCHAP VOLGENS PAULUS
A. Principes voor het rentmeesterschap
1 Cor. 4:1
11 Cor. 8: 1-7
Corinthe 8:8
Thessalonica "Indien een man niet
werkt, zal hij ook niet
eten".
1 Tim. 5:18 "Muilband de os
niet"
IV DE
EERSTE GEMEENTE
A. Handelingen
Rentmeesters van het evangelie Hand. 1:8
Het samen delen van bezittingen. Hand.
4:32 en Hand. 2: 44,45
Hulp voor behoeftigen Hand.:6
B. De plaatselijke gemeenten leerden het
rentmeesterschap- principe.
Philippi Ph. 1:5
Colosse Col. 1:16-19, 3:11
Epheze Eph. 1:10
Corinthe 1 Cor. 3:22-23
Het gehele nieuwe testament leert me dat ik
in Christus ben en alles wat ik heb
is van Hem.
LES
DRIE LICHAAM.....GEEST....EN ZIEL ZIJN
VAN GOD
I HET LICHAAM
A. Dit is het huis waarin je woont en de
verblijfplaats van God. 1 Cor.
6:19,20
Adam kreeg een lichaam voor
gemeenschap.
Onze lichamen moeten heerlijkheid aan
God brengen 1 Cor.6:20
Scheiding 11 Cor. 6:17, 1 Kor. 1:17,
Eph. 5:30
B. De gezondheid van mijn lichaam.
Voedsel, rust, verzorging, oefening.
C. Mijn lichaam een getuigenis.
Als Zijn heilige tempel. Rom. 12:1 en
1Kor. 9:27
D. Het verstand is belangrijk
1 Cor. 2:16 Phil. 2:5 Marc. 12:30
Het verstand moet voor je werken.
Houdt het rein Phil.4:8
11 Cor. 10:5 Jesaja 26:3
II ZIEL EN GEEST ZIJN VAN GOD
A. Het lichaam is de tempel hier op aarde,
maar de ziel leeft door.
Een levende ziel. Gen.2:7
Het terrein van geestelijk leven en
dood.
B. God is geest
Joh. 4:24 Lucas 24:39
Onze gelijkenis aan God is in de geest.
Je geest en ziel....je geestelijke
natuur
Wij moeten de foto van Jezus zijn.
C. Je persoonlijkheid.. Gods
Dit zijn de houdingen in het leven. Je
persoonlijkheid openbaart wat je
in je ziel bent.
De houding van de rentmeester openbaart
het gezicht van zijn ziel.
Hulp voor persoonlijkheidsproblemen
1. Vrees, bezorgdheid en onzekerheid
11Tim.1:7, Jozua 1:9 Hebr.
13:6 Phil. 4:6,7
2. Schuld, falen, teleurstelling,
minderwaardigheidsgevoel 1
joh. 1:9, Phil.3:13,14, Ps. 1:3,4,12 Romeinen 8:1,17.
3. Haat, wrevel, onvergevingsgezindheid,
zelfhandhaving 1
joh.4:7,8,20,21 Matth.
6:14,15 Romeinen 12: 19,20
4. Arrogantie, zelfzucht, jaloersheid,
nijd. Matth. 11:29,
Rom.12:3, 1 Cor. 13:4,5 Phil.
2:3 lukas 14:11, Jacobus 4:6, 1 petrus 5:6
5. Moedeloosheid, neerslachtigheid,
uitzichtloosheid,
droefgeestigheid. Rom. 5:1,2
Phil.:4:4, spreuken 23:7
phil. 4:8 Eph. 4:22-24.
Je lichaam groeit door voedsel, rust
enz. Je verstand groeit door
ontwikkeling en gebruik, en je persoonlijkheid en karakter groeien door associatie met christus in
gebed, meditatie, etz. Rom.8:9,16
en Gal. 4: 4-6.
LES
VIER UW BEKWAAMHEDEN EN TALENTEN
I POTENTIEEL
A. Een ieder is met meer of minder
geboren...omstandigheden kunnen
hun ontwikkeling veranderen. Matth. 25 geeft ons een sleutel tot wat God vereist (zie vers 14-27)
De man met een talent.
Talent is uw potentieel niet een
eindprodukt.
De pianospeler was niet groot voordat
hij zijn talent ont- wikkeld had.
B. Uw bekwaamheden
Werken met de handen
Een bekwame zakenman
Het bezoeken en ontmoeten van mensen.
Leider of administrateur
Goed spreker
C. Vergelijken met anderen
Vermoei je niet door jezelf met anderen
te vergelijken. Zij hebb meer of
minder dan jij, en waarvoor zij
verantwoordelijk zijn.
De talenten zijn van God, voor gebruik
aan ons gegeven.
D. Ontwikkeling en het gebruik
Wanneer wij onze talenten gebruiken,
zullen wij andere
ontdekken...want de man met de vijf talenten eindigde met 10.
In plaats van te huilen over hetgeen
dat we niet hebben, moeten we de
twee nemen en er vier van maken.
Illustratie: piano...
Breng niet veel tijd door met wat je
niet kunt doen..maar breng meer
tijd door met het ontwikkelen van hetgeen dat je wel kunt.
II HET ONTDEKKEN VAN JE BEKWAAMHEDEN
A. Ze zijn door God gegeven. Rom. 12:6-8
Wat kun je doen? Verven, een
instrument bespelen, tekenen,
met mensen omgaan, spreken, werken met anderen.
Hoe kan ik dit weten? Door te trachten
ze op te merken.
B. Ontwikkeling
Romeinen 12:6-8
1. Gebruik dat ene talent dat God
zegent en datgene wat u het
beste kunt doen. Werk ermee...
2. Gebruik ze voor de heerlijkheid van
God. 1 Cor. 10:31
3. Je kunt talent en bekwaamheid
hebben, maar misschien wordt het
verkeerd gebruikt. Houding en beweegreden zijn belangrijk 2 Cor.5:10
4. Gebruik deze om anderen op te
bouwen.
5. 1 Cor. 12 "Bouwt het lichaam
op.."
6. Gebruik ze om jezelf te versterken.
LES
VIJF RENTMEESTERS VAN TIJD, ROEPING EN LEVEN
I TIJD
A. Heb je ooit het volgende gehoord?
"Ik wil graag dit of dat doen
voor de gemeente en voor de Heer, maar ik heb er geen tijd voor".
Wij zijn ook rentmeesters van de tijd van
God.
Tijd is het enige, dat voor ons allen
hetzelfde is, een uur voor de een
is een uur voor de ander.
B. Als U een karwei wilt laten opknappen,
geef het aan hen, die reeds bezig
zijn.
Wat betreffende het geven van een tiende
van onze tijd,zoals we met ons geld
doen? Dat zou dan 16.8 uur per week voor God en Zijn werk zijn.
C. De tijd is een gave van God..
Rentmeesterschap van de tijd, betekent
een systematisch en schematisch
gebruik van de aan ons gegeven tijd.
Tenzij je een plan voor de dag maakt zal
het verspild worden.
Gebruik een dagelijks programma voor je
werk.
Tijd voor gebed, bijbellezen, studie,
werk, eten, bezoeken afleggen. etc.
Het maken van plannen zal je helpen de
kleinigheden en onbeduidende zaken
uit het dagelijks leven te bannen.
Hierdoor kun je ook zien hoeveel tijd je
aan God geeft.
Je hebt niet slechts werk nodig, maar ook
rust en ontspanning, lezen en er
kan tijd zijn voor hobbies.
D. Rentmeesters weten dat de tijd waarin ze
leven belangrijk is.
Een kennis van de eindtijd, en hoe Gods
werk in verband staat tot deze
laatste dagen. Deze tijd (de laatste dagen) heeft grote waarde en moet verstandig geinvesteerd worden.
II
ROEPING EN LEVEN
A. Je bediening en roeping... joh. 15:16
Je werk is Gods werk. Hij koos het voor
je.
God zal jouw roeping openbaren.
Maak het beste van hetgeen dat Hij je
riep te doen.
II Tim. 4:1-5.
Het is een voorrecht geroepen te zijn,
maar ook een verant-
woordelijkheid Ezra 8:21-34.
B. Jouw leven is van God.
"Het leven is een bundel dagen,
waarvan de einden tezamen gebonden
zijn".
Psalm 118:1,24 Rom. 12:1
Het leven is opgebouwd uit beslissingen.
Jij bent nu de 'manager'van Zijn leven
in jou.
Het is niet een kwestie van wat ik met
mijn leven zal doen,
maar wat ik met dat van Hem zal
doen. 2 Cor. 5:10
ZESDE
LES "JE GELD EN JE BEZITTINGEN'
I GELD
William Gladstone, Engels staatsman van de
19e eeuw, zei:"Wan- neer je weet
wat een man doet met zijn geld, hoe hij het
krijgt, hoe hij het bewaart en wat hij ervan denkt, weet je enkele zeer belangrijke dingen over die
man".
A. Jouw geld is van God.
Geld maakt een belangrijk deel van ons
leven uit.
Als Gods rentmeester ben je
verantwoordelijk tot God voor je
geld, hoe je het krijgt, het uitgeeft of wat je ervan denkt. 1 kron 29:14 Haggai 2:8-9
B. Gods bevelen
Lukas 12:34
Hoe meer je ergens in investeerrt, hoe
meer aandacht je eraan zal
schenken. 1 Tim.6:10 Col. 3:5-6
Wanner we geven bevechten we elk
greintje zelfzucht dat er mogelijk
in ons kan zijn.
C. God heeft belangstelling voor de wijze
waarop wij ons geld verdienen.
Jij bent een deelgenoot. Kan Christus je
met jouw werk helpen?
D. Welk deel van ons geven is van God?
Hier volgen acht redenen voor het geven
van de tienden.
1. het is een schriftuurlijk principe.
2. Het is een bijbels minimum/basis.
3. Een christelijk getuigenis.
4. Erkenning van het eigendomsrecht.
5. Een teken van toewijding.
6. Een uitdrukking van onze
dankbaarheid.
7. Een avontuur en zegen Mal.3:8-10
8. Een hulp voor wereld-evangelisatie.
E. Wat kan gezegd worden van de
overblijvende negen tienden?
Alles hoort aan Jezus.
1. Leer naar je vermogen te leven.
2. Leer om Gods geld verstandig uit te
geven.
3. Leer om een weinig te sparen.
4. Wees voorzichtig met die
'gemakkelijke
koopmogelijkheden'.
II JOUW BEZITTINGEN ZIJN VAN GOD
A. Het is niet belangrijk hoeveel
bezittingen je hebt, maar
belangrijk is hoe je gebruikt wat je bezit Luk. 12:15
Het is niet een zonde om bezittingen te
hebben. Job, Abraham, Jacob,
Jozef enz.
Het is een zonde wanneer de dingen ons
in hun macht hebben, of wanneer
men het bezit is van de bezittingen.
Matth. 19:16-22.
Onze wereld wordt vandaag geteisterd
door de besmettelijke ziekte, die
materialisme wordt genoemd.
Laten we ervoor oppassen. Matth. 6:20.
LES
ZEVEN 'RENTMEESTERSCHAP EN DE TIENDE'
I FINANCIEN IN HET OUDE EN NIEUWE TESTAMENT
A. Het geven van de tiende een principe.
1. Voor het in stand houden van de
Levitische orde.
NUm. 18;21, Lev 27:30-33
2. Het geven van tienden voordat de wet
er was. Gen 14;20
3. Als een symbool van Gods zegen Mal.3:8-10
Niet een wet..maar een goddelijk
principe voor altijd.
B. Zes verwijzingen in het nieuwe
testament.
1. Matth. 23:23
2. Lukas 11:42
3. Lukas 18:12
4. 1 Kor.9:13,14
5. Hebr. 7:1-10
6. Hebr. 7:20-25
II WAT IS HET TIENDEN GEVEN?
A. Het teruggeven aan de Heer van een
tiende van het gehele inkomen, de
opbrengst of oogst. 1 Cor. 3:9
B. De tiende is noodzakelijk voor Gods
werk.
1. Voor O.T. feesten Deut. 14:22-24
2. Onderhoud van de Levieten NUmeri 18:21
3. Voor de mensen elk derde jaar. Deut.
14:28
4. Voor het gehele werk Gods Mal.3:10
C. Iedereen kan tienden geven.
Men heeft ontdekt dat de negen tienden
verder gaan, wanneer één aan God
is gegeven, dan tien tienden
vastgehouden voor de vervulling van zelfzuchtige verlangens.
D. Het geven van de tiende verdiept het
geestelijk leven
'God heeft de blijmoedige gever lief'2
Cor. 9:7
Het op de eerste plaats stellen van
God.
Het is niet een kwestie van 'kan ik me
veroorloven de tiende te betalen,
maar kan ik me veroorloven God niet op
de eerste plaats te stellen in mijn financien.
De tiende omgekeerd gezien;Äls God me
tienmaal meer gaf dan ik aan Hem,
zou ik dan daarvan kunnen leven"?
LES
ACHT 'DE HOOGSTE ZALIGSPREKING'
I GEVEN IS ZALIGHEID Hand. 20:35b
A. We bekijken het niet op een negatieve
wijze.
Een zegen en een voorrecht.
Men kan blijmoedig blijven.
B. De Grootste Zaligspreking.
Het woord 'gezegend'of 'zegen'komt
ongeveer 600 maal voor in de
bijbel.
Geloven we deze tekst? Handelingen 20:35
"Zelfzuchtigheid is de kanker van
onze maatschappij"
Dit is waarom mensen Christus
liefhadden: Hij gaf.
C. Christus leerde het juiste motief en het
geven. Matth. 6:19
"Mot en roest"zullen alles
aantasten hier. Maar in de hemel
blijft het veilig bewaard.
Wanneer we geven storten we in onze
"Hemelse bankrekening"
"Wat ik uitgaf, had ik...wat ik
vasthield, verloor ik...wat ik
gaf, heb ik".
De beloningen voor het geven zijn een
deel van het "Goud, zilver en
kostbaar edelgesteente"1 Cor.3:10-15.
Het bedrog van de rijkdom. Matth.13:22,
Matth. 16:24,25
Vervang het woord leven hier door geld.
D. Het leven wordt verrijkt wanneer we
geven Lukas 6:38.
Dit kan worden toegepast op geld of op
andere dingen.
Geef liefde en je krijgt liefde terug.
Geef vreugde en je krijgt vreugde terug.
Geef vriendelijkheid en ontvang
vriendelijkheid terug enz.
Geef meer dan van je vereist wordt.
Geef een zegen aan uw vijanden. Matth.
5:40-44
PREDIK HET RENMEESTERSCHAP.. PREDIK DE
BELANGRIJKHEID VAN HET GEVEN ALS JE
EEN GELUKKIG VOLK WILT HEBBEN.
II HOE
DE EERSTE GEMEENTEN GEVEN
A. Het geven in handelingen...2:44,45,
4:34,35
B. In de gemeente II Cor.8:1-5
Paulus laat het geven van deze
christenen zien.
De gemeente te Philippi gaf..
De enige gemeente zonder een ernstig
probleem.
Het was een zendingsgemeente, de eerste
om het evangelie naar Europa te
zenden..
De eerste, die de predikers en het
evangelie-werk ter plaatse
ondersteunde.
Paulus maakte geen tenten toen hij in
Philippi was.
"Het is geweldig als een prediker
bereid is tenten te maken zodat
het evangelie gepredikt kan worden, waar de nood groot is, maar het is nog geweldiger wanneer de mensen
hem willen onderhouden zodat hij
geen tenten hoeft te maken en al
zijn tijd in de prediking van het evangelie kan doorbrengen.
DEZE GEMEENTE TE PHILIPPI ONDERSTEUNDE
DE ARMEN EN BEHOEFTIGEN TE
JERUSALEM
C. Dit gezegend geven van Handelingen 20:35
voorziet in Brood voor het huis de
heren Mal. 3:10
God bedelt om brood. Hij die eigenaar
van de wereld is... vraagt om
brood...
Hij is rijk in de hemel, maar al te vaak
is Zijn werk hier beneden in een arme toestand.
LES
NEGEN 'TOEWIJDING EN RENTMEESTERSCHAP'
I
TOEWIJDING OMVAT ALLE ASPECTEN VAN HET LEVEN
A. Het omvat alles dat ik heb en ben en wat
mij toevertrouwd is.
Mijn gehele geestelijke en materiele
leven moet aan God gewijd
zijn. Lukas 16:1-13
MAAKT U VRIENDEN MET BEHULP VAN DE MAMMON
B. Toewijding omvat overgave 1 Cor.6:19
Niet slechts van geld.. maar geld kan
gewijd worden aan God, als wij
zelf innerlijk aan God gewijd zijn.
OVERGAVE BETEKENT HET HOGEROP TE ZOEKEN.
C. Toewijding vraagt om het geven van
offers.
Lukas 14:26-33
De noden in de wereld kunnen slechts
gelenigd worden door
offervaardig leven en geven.
D.Een gewijd rentmeesterschap geeft
voldoening
Mal.3:10 "zegeningen, welke u niet
kan bevatten".
Matth. 25:14-21
Nehemia 12:43
Markus 14:8
LES
TIEN 'VOLLEDIGE RENTMEESTERSCHAP'
I VOLLEDIGE RENTMEESTERSCHAP HOUDT HET GEVEN
VAN ONDERWIJS EN PRAKTIJK IN....HET
GEZIN....DE GEMEENTE....DE PLAATS WAAR JE
WOONT EN IN DE WERELD.
A. Kinderen moeten onderwezen worden in
hun tiende te geven.
B. De huisvrouw en het geld.
C. De mannen in het rentmeesterschap.
II HET LEREN VAN HET RENTMEESTERSCHAP IN DE
GEMEENTE II Tim.4:2
A. Leer wat de plaats van de voorganger in
de gemeente is.
B. Methoden om te geven. C.
Predik het onderwerp 'geven'
III
HET RENTMEESTERSCHAP IN DE STAD
A. Geef het voorbeeld in de stad of dorp
waar je woont. B. Een getuige
voor de mensen.
IV DE CHRISTELIJKE RENTMEESTER IN DE WERELD
A. Wij hebben íets'voor de wereld.
Paulus "Ik ben een
schuldenaar"Rom 1:14
Openbaring 12:11
B. Onze grootste verantwoordelijkheid is
het evangelie.
C. Wanneer beginnen we?
Wat is mijn?
Wat is Gods?
ALLES IS NIET VAN MIJ...HET IS VAN GOD
EN HIJ WIL DAT IK HET NU
GEEF...
1 Cor. 6:19,20 "VOLLEDIG RENTMEESTERSCHAP
HOUDT ALLES IN VAN WAT IK HEB
EN BEN".
Als
men tienden betaalt stelt men God op de eerste plaats.
Het
principe van tienden betalen:
werd reeds in acht genomen door de
Assyriërs en Egyptenaren in 3800 v.
Christus.
werd erkend door Abraham en Jacob (Gen.
14:20;
Gen. 28:22)
werd bevolen onder de wet als een Joodse
instelling (Lev. 27:30-32)
werd door Jezus aanbevolen (Matt. 23:23)
De God
die alles geschapen heeft, alles bezit en alles geeft, heeft ook beloofd om
degenen die Hem eren overvloedig te zegenen. "Brengt de gehele tiende....
beproef Mij toch daarmede, zegt de Here der heerscharen, of Ik dan niet voor u
de vensters van den Hemel zal openen en zgen in overvloed over u
uitgieten."Mal. 3:10.
De
betrouwbare rentmeester zal voortdurend sterkte vinden in het doen van Gods wil
en gezgend worden door geestelijke groei en kracht.
De
tiende is de basis voor het geven, niet het plafond.
U kunt
nooit meer geven dan God.
Van
Gods kant gezien
Het
betalen van de tiende was gangbaar vóór de Joodse wet. Abraham betaalde de
tiende 400 jaar vóór Mozes. Daar hem dit nooit bevolen was moet hij wel
gehandeld hebben in overeenstemming met een reeds lang betaande gewoonte (Gen.
14:18-20).
Als
Jezus geen tienden had betaald zou Pilatus niet hebben kunnen zeggen van Hem:
"Ik vind geen schuld in Hem."(Joh. 18:38).
Gedurende
de eerste 900 jaar van het Christelijk tijdperk hebben tenminste 10 concilies
verkondigd dat Christenen verplicht zijn tienden te betalen.
Geef
zoals God heeft gegeven.
De
tiende werd gebracht naar de voorraadkamer en beheerd door degenen die daartoe
apart waren gezet. (Lev. 27:30,32; Mal. 3:10).
De
zegen van het geven
God
beveelt niet alleen dat wij geven, maar dat wij gaven brengen. (Ex. 35:5, Jes.
66:20; Mal. 3:10).
Het
Hebreeuwse volk betaalde de tiende onder een wet zonder liefde. Kunnen
Christenen minder doen onder de wet der liefde?
Tienden
geven vergroot uw visie.
U zult
meer vreugde zien naarmate het percentage van uw gave toeneemt.
God geeft:
Overvloedige
zegeningen;
Een
dieper geestelijk leven; dan betalen
wij onze tienden
God
heeft alles gemaakt, bezit alles en geeft alles. Ps. 24:1; Hag. 2:8; Jak. 1:17;
Deut. 8:18.
De
tiende is het minste dat een Christen kan geven. Lev. 27:3; Deut. 14:22; Mal.
23:23; Markus 12:17.
Wij
moeten rekenschap afleggen. Luk. 16:2; Rom. 14:12; 1 Cor. 4:2.
Omhoog,
naar God toe.
Een
toegewijde Christen vindt zijn grootste vreugde in het stellen en bereiken van
hogere doelen in toewijding en dienstbetoon, in het aan God toewijden van een
hoger percentage van hetgeen God hem heeft toevertrouwd...in het brengen van de
tiende en meer.
Hoe
meer u geeft des te meer kunt u geven
De
Here zegent de blijmoedige gever. 2 cor. 9:7
De
Christenen die werkelijk blij zijn, zijn degenen die God eren door een leven
van dienstbetoon en met hun eerstelingen...Die Christus de eerste plaats
toekennen, wiens huizen en zaken volgens Christelijke principes draaien..zij
zijn het die de tiende betalen.
"Gij
zijt niet van uzelf," (1 Cor. 6:19). Ook het geld dat gij hebt ontvangen
behoort u niet toe (Ps. 24:1). Hij legt het in uw handen. (Deut. 8:18). Hij
verwacht tenminste één tiende terug. (Matt. 23:23).
Geeft
zoals God u heeft gegeven
Wat
het geven van de tiende voor u doet.
1. U
krijgt een deel in Gods grote plan voor de redding van de mens.
2. Uw
ijver voor Christus en de verbreiding van het evangelie wordt ontwikkeld.
3. U
wordt geholpen betere zakenprincipes te verkrijgen.
4. U
krijgt een ladder waarmee u kunt klimmen tot nieuwe hoogten van toewijding en
trouw in het Christelijk leven.
5. Uw
geestelijke horizon wordt uitgebreid.
6. Uw
financiën worden op Gods basis geplaatst.
7. U
wordt in staat gesteld om echt van het Christelijke leven te genieten.
No. 4
Het tienden geven is de maatstaf van uw liefde.
Jezus
gaf zichzelf, niet vanwege trots, vrees of plichtsgevoel, maar vanwege Zijn
liefde. "Want alzo lief heeft God...dat Hij gaf." (Joh. 3:16). Als
God zoveel voor u heeft gegeven, kunt u minder doen dan tienden betalen?
De
tiende is het begin-niet het einddoel.
Tienden
geven
1.
Verleent waardigheid aan uw bondgenootschap met God.
2.
Geeft u een zuiver geweten ten opzichte van God.
3.
Bevordert innerlijke vrede en vrede met anderen.
4.
Draagt bij tot een doeltreffender gebedsleven.
5.
Houdt het pad vrij tussen God en de mens.
6.
Vermenigvuldigt geestelijke zegeningen voor de tiendengever.
7.
Verrijkt de gemeenschap met God.
8.
Stelt u in staat om een deelgenoot te zijn in Gods eeuwige ondernemingen.
De Tiende
Afgezonderd
voor God:
Adam
werd uit het hof van Eden gezet toen hij naliet Gods eigendomsrechten te
erkennen. Achan werd ter dood gebracht toen hij zich vergreep aan hetgeen God
toebehoorde. De Farizeeën werden door Jezus gezegd dat zij de tienden behoorden
te betalen.
De
tiende is het minimum dat gegeven kan worden.
Opbrengsten
van de tiende.
1.
meer belangstelling voor anderen.
2.
toegenomen meeleven met de programma's van de gemeente.
3.
begrip van hoe iemands verhouding ten opzichte van het geld behoort te zijn.
4. uw
verlangen naar geestelijke groei en genade wordt versterkt.
5. uw
visie op de wereldnood wordt verbreed.
6. u
leert afhankelijkheid van God.
Voordelen
van het tienden geven.
1.
Innerlijke rust bij het doen van God wil.
2.
Persoonlijke voldoening door het helpen financieren van Gods boodschap.
3.
Verdiepte gevoelens van dankbaarheid jegens God.
4.
Toegenomen gezindte van gehoorzzamheid aan God.
5.
Besef van deelgenootschap met God.
6.
Verhoogde kracht in uw gebedsleven.
7.
Meer liefde voor een verloren mensheid.
Als u
met God afspreekt om de tiende te gaan geven dan legt u uw hand in Zijn hand,
uw geld onder Zijn toezicht, uw leven onder Zijn zorg.
Het
hart en de handen die door een trouwe rentmeester zijn toegewijd aan Zijn
dienst weerkaatsen Gods licht nog meer. De tiende geven brengt tot uitdrukking
uw vertrouwen in Gods kracht, een erkenning van Zijn goddelijke kracht.
"MAar
gij zult aan den HEERE, uw God, denken, want Hij is het, die u kracht geeft om
vermogen te verwerven." ( Deut. 8:8).
"Ook
is alle tiende..van de HERE." (Lev. 27:30).
Tienden
geven zegent.
door
het hart met liefde te vervullen...
door
de handen te helpen bij het doen van Gods werk...
door
de oren af te stemmen tot de noden van de zending...
door
de ogen te bepalen bij nieuwe horizons...
door
het leven gevoeliger te maken voor Gods wil.
De
Christen heeft het blijde voorrecht om een getrouwe rentmeester te zijn. Uw
tiende vertegenwoordigt u. Het maakt deel uit van wat u verdiend hebt. Als u
het afgeeft aan Zijn gemeente dan helpt u Zijn werk te financieren, om Zijn
boodschap te brengen aan de verlorenen overal Werkelijk een onsterfelijke taak
voor sterfelijke mensen.
"Gij
zult ....stipt vertienden." (Deut. 14:22)
Een
beschrijving van de tiende.
Het
richt uw hart op God
Het
zet uw leven binnen een liefdesraam
Het
vergroot uw zorg voor anderen
Het
verscherpt uw denken over geestelijke zaken
Het
ontwikkelt uw belangstelling voor de zending
Het
corrigeert uw instelling ten opzichte van het geld
Het
beeldt uit de Geest van Christus-een zichzelf opofferend verlangen dat tracht
te geven liever dan te ontvangen.
Gods
afrekendag
Een
dichtere wandel met God.