27 juli '93:
19.15 uur:
New Orient Hotel, Galle.

We zitten alle 6 te schrijven in de hal van het hotel, dit in afwachting van het diner, wat we hier meteen na aankomst al moesten bestellen.
Vandaag hebben we een echte typische toeristendag gehad en volgens de reisfolders allerlei toeristische trekpleisters aangedaan.
Nadat we wat later dan gepland uit Hambantota zijn vertrokken (het ontbijt-buffet duurde aanmerkelijk langer dan we gedacht hadden), kwamen we in het eerstvolgende dorp uit op een boerenmarkt waar van alles te koop was. Shantha en Kumara hebben er ieder 'n T-shirt gekocht. Dat waren we eigenlijk niet van plan, maar voor we het in de gaten hadden, trok iemand hen 'n T-shirt over hun hoofden en we werden min of meer gedwongen om het te kopen.

Vervolgens zijn we bij een tempelcomplex gestopt, waar ook een 'helle-gang' aan verbonden was. Voor Kumara was dit een ware 'hel'. In beeld- en schilderijenvorm konden we in felle kleuren zien wat er met mensen zou gebeuren die alcohol dronken, tabak gebruikten, vlees aten, steelden, de buitenechtelijke liefde bedreven, ruzie maakten etc. Kumara begon helemaal te bibberen van dit alles en we zijn dan ook snel weer naar buiten gegaan.
Daarna zijn we gestopt bij een vrouw die langs de kant van de weg, speciaal voor de toeristen, kokostouw aan het maken was. Zij liet ook zien wat je allemaal van palmbladeren kon maken en wij mochten op onze beurt proberen om kokostouw te maken. Als dank voor het 'linnen tasje met inhoud' kregen de kinderen een gevlochten hertje.
Ons volgende bezoek was bij een kantklos-fabriekje. Het jongste meisje wat daar werkte was net 8 jaar geworden en zij was ook de brutaalste van de uit ongeveer 10 meisjes bestaande groep, die buiten onder een afdak in afwachting van de toeristen zat te werken. Zij vroeg in perfect Engels, nog voordat we goed en wel de bus uit waren, om parfum of zeep, of anders was geld ook wel goed...
Het kantklossen interesseerde de jongens totaal niet, de giechelende meisjes vonden ze maar stom en toen Lieneke en Annemieke blouses wilden passen, begonnen zij behoorlijk te klieren en gezellig te stoeien met elkaar. Dit mondde al snel uit in de eerste broeder-ruzie tijdens de vakantie.
Annemieke kocht een Srilankaans topje wat nog op maat gemaakt moest worden en terwijl we daarop wachtten hebben we de jongens, uit wanhoop over hun gedrag, naar de bus en dus naar Radji gestuurd; er was namelijk met hen geen houden meer aan.
Ze komen ons halen voor het eten, straks verder dus...
21.00 uur:
Nog even terug naar het kant-fabriekje.
We hebben daar ook nog 2 tafelkleden en 'n klein ander kleedje gekocht en moesten in totaal 2500 Rs. afrekenen. Het onderhandelen over de prijs verliep zeer moeizaam en onplezierig, omdat men steeds bleef vragen om
afreken-vormen in natura. Men vroeg om kleren, parfum, shampoo, zeep en of we soms nog andere Hollandse artikelen als bij-betaling hadden?
Al met al hadden we, na een uitgebreide stop bij de vissers op stelten, een late lunch in het Closenberg-hotel. Ook daar waren Shantha en Kumara nog steeds in Hollandse vorm: stoeien, rennen en heel druk. Om ze eens flink uit te laten kuren, is Peter met hen een flink eind gaan lopen.
Na vanuit de bus nog een en ander van Galle gezien te hebben, kwamen we omstreeks 16.00 uur in het hotel aan.
We kregen twee 3-persoonskamers toegewezen op 2 verschillende verdiepingen. Een van die kamers lag op de zolderverdieping en was alleen te bereiken via een houten trap. Deze zo slecht gelegen kamers zagen Peter en ik absoluut niet zitten. In een modern hotel met onderlinge telefoonverbinding is het nog te aanvaarden dat we met zijn zessen niet dicht bij elkaar kunnen slapen, maar in zo'n oud gebouw, nee dank je wel. Ik heb trouwens zowiezo in ieder hotel de nooduitgangen gecontroleerd en de kinderen verteld welke kant ze op moesten in eventuele noodgevallen.
In dit hotel is wanneer er brand uitbreekt geen enkele vluchtmoge-lijkheid, daar is het een veel te oud gebouw voor. Er zijn hier in de loop der jaren duidelijk geen moderne voorzieningen aangebracht.
Het probleem met dit hotel is dat men in zijn totaliteit enkel over twee 3-persoonskamers beschikt en dat deze dus te ver van elkaar af liggen voor grote gezinnen zoals het onze. Bedden bij plaatsen is niet mogelijk, omdat men alleen antiek, loodzwaar meubilair heeft.
Na bemiddeling van Radji kregen we een aantal sleutels en mochten we zelf kamers uitkiezen. We hebben nu 2 naast elkaar liggende 2-persoonkskamers op de 1e verdieping, daar zijn vanaf de gang ramen die op een schuin dak uitkomen. Nadat we eindelijk geïnstalleerd waren, zijn we het zwembad op gaan zoeken. Ik zeg speciaal zoeken, omdat we er alleen even met onze grote tenen in geweest zijn.
Het zwembad leek al net zo antiek als de rest van het hotel: het was erg, heel verschrikkelijk vies, het water voelde stroperig aan, zat vol algen en er zwommen en dreven duizenden beestjes in.
Vol goede moed zijn we tegen de avond nog aan een wandeling door het Fort begonnen. Van rustig wandelen en een en ander bekijken, kwam niets terecht. We werden al na 'n paar meter omringd door allerlei verkopers, bedelaars, zogenaamde gidsen en mee-lopers, waar we niet vanaf kwamen. We zijn erg onbeleefd en 'Westers' rechtstreeks tegen hen geweest, maar dat hielp ook niet.
Er was een vrouw die notabene bijna haar kindje op de grond liet vallen: zij wilde dit meisje aan mij geven om te bewijzen dat het ondervoed was en dringend eten nodig had. Ik negeerde dit gebaar en schrok me lam toen het babietje bijna viel...
Jammer, dat we geen goede gelegenheid hebben gehad om Galle te bewandelen, we zijn al na 'n uur terug het hotel in gegaan, omdat het geen doen was met al die mensen achter ons aan.
Eigenlijk hadden we met drie-wieler-taxi's nog naar Galle-Town willen gaan om geld te wisselen, maar daar hebben we geen zin meer in, dat schuiven we door naar morgen. We hebben trouwens tot nu toe de meeste hotels (eet- en drankkosten) met creditcards kunnen betalen. Dat wil niet zeggen dat het contant geld er ook behoorlijk door heen vliegt. Het aankopen van souvenirs hebben we financieel goed in de hand, de fooien en tips (die tips geven we uitsluitend op advies van Radji) zijn 'n andere zaak, dat loopt stiekem in honderdtallen per dag. Met 7 koffers en 6 handbagage zijn bijvoorbeeld meestal 4 kruiers gemoeid en met 2 of 3 slaapkamers de nodige roomboy's, zij krijgen steeds ieder hun Rs. fooi. Thermoskannen met water heb je met 6 personen ook nogal wat nodig en daar hoort ook iedere keer een fooi bij en ga zo maar door...
Prijsverschillen voor fruit en drinken onderweg zijn niet te volgen of te beredeneren. Zo betaalden we in Hambantota 40 Rs. voor 'n flesje drinken en vandaag in de buurt van Galle, in een zelfde categorie Resthouse, 30 Rs. voor 3 flesjes.

Morgen om 08.00 uur vertrekken we voor een unieke tocht naar Ratnapura.
We hebben daarvoor een weg uitgekozen die zelden of nooit door toeristen bereden wordt. Volgens Radji kiest 1 op de 10.000 toeristen deze route die dwars door het gebergte gaat.
Hij zelf verheugt zich ook enorm op deze tocht, hij is al ruim 20 jaar in het toeristenvak werkzaam en voor hem is al meer dan 5 jaar geleden dat hij deze rit gemaakt heeft.
Voor Peter en mij is het ook 5 jaar geleden dat we die weg gevolgd hebben, we kunnen dus met zijn drieen vorige, oude ervaringen opnieuw gaan beleven: en dus weer nieuwe ervaringen voor en met de kinderen...

Index
Volgende pagina
27 juli '93:
19.15 uur:
New Orient Hotel, Galle.

We zitten alle 6 te schrijven in de hal van het hotel, dit in afwachting van het diner, wat we hier meteen na aankomst al moesten bestellen.
Vandaag hebben we een echte typische toeristendag gehad en volgens de reisfolders allerlei toeristische trekpleisters aangedaan.
Nadat we wat later dan gepland uit Hambantota zijn vertrokken (het ontbijt-buffet duurde aanmerkelijk langer dan we gedacht hadden), kwamen we in het eerstvolgende dorp uit op een boerenmarkt waar van alles te koop was. Shantha en Kumara hebben er ieder 'n T-shirt gekocht. Dat waren we eigenlijk niet van plan, maar voor we het in de gaten hadden, trok iemand hen 'n T-shirt over hun hoofden en we werden min of meer gedwongen om het te kopen.

Vervolgens zijn we bij een tempelcomplex gestopt, waar ook een 'helle-gang' aan verbonden was. Voor Kumara was dit een ware 'hel'. In beeld- en schilderijenvorm konden we in felle kleuren zien wat er met mensen zou gebeuren die alcohol dronken, tabak gebruikten, vlees aten, steelden, de buitenechtelijke liefde bedreven, ruzie maakten etc. Kumara begon helemaal te bibberen van dit alles en we zijn dan ook snel weer naar buiten gegaan.
Daarna zijn we gestopt bij een vrouw die langs de kant van de weg, speciaal voor de toeristen, kokostouw aan het maken was. Zij liet ook zien wat je allemaal van palmbladeren kon maken en wij mochten op onze beurt proberen om kokostouw te maken. Als dank voor het 'linnen tasje met inhoud' kregen de kinderen een gevlochten hertje.
Ons volgende bezoek was bij een kantklos-fabriekje. Het jongste meisje wat daar werkte was net 8 jaar geworden en zij was ook de brutaalste van de uit ongeveer 10 meisjes bestaande groep, die buiten onder een afdak in afwachting van de toeristen zat te werken. Zij vroeg in perfect Engels, nog voordat we goed en wel de bus uit waren, om parfum of zeep, of anders was geld ook wel goed...
Het kantklossen interesseerde de jongens totaal niet, de giechelende meisjes vonden ze maar stom en toen Lieneke en Annemieke blouses wilden passen, begonnen zij behoorlijk te klieren en gezellig te stoeien met elkaar. Dit mondde al snel uit in de eerste broeder-ruzie tijdens de vakantie.
Annemieke kocht een Srilankaans topje wat nog op maat gemaakt moest worden en terwijl we daarop wachtten hebben we de jongens, uit wanhoop over hun gedrag, naar de bus en dus naar Radji gestuurd; er was namelijk met hen geen houden meer aan.
Ze komen ons halen voor het eten, straks verder dus...
21.00 uur:
Nog even terug naar het kant-fabriekje.
We hebben daar ook nog 2 tafelkleden en 'n klein ander kleedje gekocht en moesten in totaal 2500 Rs. afrekenen. Het onderhandelen over de prijs verliep zeer moeizaam en onplezierig, omdat men steeds bleef vragen om
afreken-vormen in natura. Men vroeg om kleren, parfum, shampoo, zeep en of we soms nog andere Hollandse artikelen als bij-betaling hadden?
Al met al hadden we, na een uitgebreide stop bij de vissers op stelten, een late lunch in het Closenberg-hotel. Ook daar waren Shantha en Kumara nog steeds in Hollandse vorm: stoeien, rennen en heel druk. Om ze eens flink uit te laten kuren, is Peter met hen een flink eind gaan lopen.
Na vanuit de bus nog een en ander van Galle gezien te hebben, kwamen we omstreeks 16.00 uur in het hotel aan.
We kregen twee 3-persoonskamers toegewezen op 2 verschillende verdiepingen. Een van die kamers lag op de zolderverdieping en was alleen te bereiken via een houten trap. Deze zo slecht gelegen kamers zagen Peter en ik absoluut niet zitten. In een modern hotel met onderlinge telefoonverbinding is het nog te aanvaarden dat we met zijn zessen niet dicht bij elkaar kunnen slapen, maar in zo'n oud gebouw, nee dank je wel. Ik heb trouwens zowiezo in ieder hotel de nooduitgangen gecontroleerd en de kinderen verteld welke kant ze op moesten in eventuele noodgevallen.
In dit hotel is wanneer er brand uitbreekt geen enkele vluchtmoge-lijkheid, daar is het een veel te oud gebouw voor. Er zijn hier in de loop der jaren duidelijk geen moderne voorzieningen aangebracht.
Het probleem met dit hotel is dat men in zijn totaliteit enkel over twee 3-persoonskamers beschikt en dat deze dus te ver van elkaar af liggen voor grote gezinnen zoals het onze. Bedden bij plaatsen is niet mogelijk, omdat men alleen antiek, loodzwaar meubilair heeft.
Na bemiddeling van Radji kregen we een aantal sleutels en mochten we zelf kamers uitkiezen. We hebben nu 2 naast elkaar liggende 2-persoonkskamers op de 1e verdieping, daar zijn vanaf de gang ramen die op een schuin dak uitkomen. Nadat we eindelijk geïnstalleerd waren, zijn we het zwembad op gaan zoeken. Ik zeg speciaal zoeken, omdat we er alleen even met onze grote tenen in geweest zijn.
Het zwembad leek al net zo antiek als de rest van het hotel: het was erg, heel verschrikkelijk vies, het water voelde stroperig aan, zat vol algen en er zwommen en dreven duizenden beestjes in.
Vol goede moed zijn we tegen de avond nog aan een wandeling door het Fort begonnen. Van rustig wandelen en een en ander bekijken, kwam niets terecht. We werden al na 'n paar meter omringd door allerlei verkopers, bedelaars, zogenaamde gidsen en mee-lopers, waar we niet vanaf kwamen. We zijn erg onbeleefd en 'Westers' rechtstreeks tegen hen geweest, maar dat hielp ook niet.
Er was een vrouw die notabene bijna haar kindje op de grond liet vallen: zij wilde dit meisje aan mij geven om te bewijzen dat het ondervoed was en dringend eten nodig had. Ik negeerde dit gebaar en schrok me lam toen het babietje bijna viel...
Jammer, dat we geen goede gelegenheid hebben gehad om Galle te bewandelen, we zijn al na 'n uur terug het hotel in gegaan, omdat het geen doen was met al die mensen achter ons aan.
Eigenlijk hadden we met drie-wieler-taxi's nog naar Galle-Town willen gaan om geld te wisselen, maar daar hebben we geen zin meer in, dat schuiven we door naar morgen. We hebben trouwens tot nu toe de meeste hotels (eet- en drankkosten) met creditcards kunnen betalen. Dat wil niet zeggen dat het contant geld er ook behoorlijk door heen vliegt. Het aankopen van souvenirs hebben we financieel goed in de hand, de fooien en tips (die tips geven we uitsluitend op advies van Radji) zijn 'n andere zaak, dat loopt stiekem in honderdtallen per dag. Met 7 koffers en 6 handbagage zijn bijvoorbeeld meestal 4 kruiers gemoeid en met 2 of 3 slaapkamers de nodige roomboy's, zij krijgen steeds ieder hun Rs. fooi. Thermoskannen met water heb je met 6 personen ook nogal wat nodig en daar hoort ook iedere keer een fooi bij en ga zo maar door...
Prijsverschillen voor fruit en drinken onderweg zijn niet te volgen of te beredeneren. Zo betaalden we in Hambantota 40 Rs. voor 'n flesje drinken en vandaag in de buurt van Galle, in een zelfde categorie Resthouse, 30 Rs. voor 3 flesjes.

Morgen om 08.00 uur vertrekken we voor een unieke tocht naar Ratnapura.
We hebben daarvoor een weg uitgekozen die zelden of nooit door toeristen bereden wordt. Volgens Radji kiest 1 op de 10.000 toeristen deze route die dwars door het gebergte gaat.
Hij zelf verheugt zich ook enorm op deze tocht, hij is al ruim 20 jaar in het toeristenvak werkzaam en voor hem is al meer dan 5 jaar geleden dat hij deze rit gemaakt heeft.
Voor Peter en mij is het ook 5 jaar geleden dat we die weg gevolgd hebben, we kunnen dus met zijn drieen vorige, oude ervaringen opnieuw gaan beleven: en dus weer nieuwe ervaringen voor en met de kinderen...

Index
Volgende pagina