logo tekst & it      
   
intro Intro
schema Schema
opdrachten Opdrachten 
faq FAQ
literatuur Literatuur
links Links 
week 1 Week 1
week 2 Week 2
  hoorcollege Hoorcollege
  week2 werkcollege Werkcollege
week 3 Week 3
week 4 Week 4
week 5 Week 5
week 6 Week 6
week 7 Week 7
week 8 Week 8
week 9 Week 9
week 10 Week 10
 

 

Week 2: Sheets Werkcollege

Vandaag Werkcollege

 

De meeste informatie die je op het Web ziet wordt weergegeven met een relatief klein aantal tags + attributen. Hieronder volgt een overzicht (1).

Structuur Webpagina Tags en Attributen
Kleur Speciale tekens
Skelet Tags Opmaken van tekst
Fonts Andere tekstopmaak tags
Bewaren van bestaande opmaak Commentaar
Lijnen Lijsten


HTML is een taal die gebruikt wordt om webdocumenten te maken. Het definieert de syntax en de plaatsing van speciale instructies (tags) die je niet ziet op het beeldscherm, maar die de browser vertellen hoe de inhoud van het document op het scherm moet worden gezet. Het wordt ook gebruikt om links ofwel verbindingen naar andere documenten of webpaginas te leggen (hetzij locaal, hetzij over een netwerk zoals het internet).

Een webpagina of HTML-document bevat dus tekst, geluid, video, animaties of plaatjes (de inhoud van een webpagina) met ingebedde tags die instructies bevatten voor de structuur, de verschijning en de functie van de inhoud. Een webpagina is opgebouwd uit twee belangrijke delen:
  • HEAD
    Bevat informatie over de pagina, zoals de titel van de pagina en vaak ook informatie voor zoekmachines

  • BODY
    Bevat de werkelijke inhoud van de pagina, dwz dat gedeelte dat wordt weergegeven in de browser.
De standaard skeletstructuur van een webpagina ziet er als volgt uit:

<HTML>
        <HEAD>
        <TITLE>

            webpagina titel
         </TITLE>
        </HEAD>
        <BODY>

            Inhoud van de webpagina
        </BODY>
 </HTML>

Naar Boven

  Zoals gezegd: HTML-instructies bestaan uit tags. Elke tag bestaat uit een naam van de tag en een optionele lijst van attributen ofwel eigenschappen. De meeste HTML-tags zijn zogenaamde containers, dwz ze hebben een begin- en een eindtag. De tekst die tussen de begin- en eindtag staat is onderhevig aan de acties van deze tag. Bijvoorbeeld:

 <B></B>
  In deze zin wordt <B>deze tekst</B> vet afgedrukt
  In deze zin wordt deze tekst vet afgedrukt

Een eindtag heeft dus dezelfde naam als de begintag, maar wordt voorafgegaan door een slash (/). Eindtags bevatten bovendien nooit geen attributen. Een aantal tags hebben geen eindtag.

Attributen worden binnen een tag geplaats om de acties van een tag uit te breiden of aan te passen. Attributen komen na een tagnaam te staan met een spatie ertussen. De meeste attributen krijgen een waarde die volgt op een is-gelijk (=) teken na de naam van het attribuut. Deze waarde zet je meestal tussen aanhalingstekens (“). Bijvoorbeeld:

 <font color=”red”> </font>
 In deze zin wordt <font color=”red”> dit stuk tekst </font> rood
 In deze zin wordt dit stuk tekst rood

Gebruik tijdens het schrijven van HTML de volgende conventies
  • Schrijf tags en attributen in hoofdletters
  • Gebruik tabs voor de leesbaarheid van de code
  • Noem je bestanden/webpagina’s volgens de richtlijnen (zie college I)

Naar Boven

  Je kunt de kleur van bepaalde pagina elementen specificeren dmv HTML-tags. Gebruik hiervoor websafe kleuren. De meest gebruikelijke manier om een kleur te specificeren in HTML is dmv z’n numerieke RGB-waarden (Rood Groen en Blauw). Deze waarden worden in HTML geschreven volgens de volgende syntax: “#RRGGBB”. Bijvoorbeeld:

 <font color=”#OOCCOO”></FONT>
  In deze zin is <font color=”#00CC00”>deze tekst</FONT> groen
  In deze zin is deze tekst groen

Links naar websafe kleurencodes vind je op de website

Naar Boven

  Het specificeren van speciale tekens

Speciale tekens moeten worden gespecificeerd in HTML dmv zogenaamde character entiteiten. Je kunt sommige van deze tekens wel op het toetsenbord vinden en dus intikken, maar een HTML document zal dit teken niet laten zien als de pagina wordt weergegeven in een browser. Daarom moet je character entiteiten gebruiken. Deze hebben de volgende vorm: &naamcharacter;
Bijvoorbeeld:

      &nbsp;         spatie
      &copy;         copyright teken
      &eacute;      é
      &euml;         ë

Andere talen

Je kunt ook webpagina’s in andere talen maken. Er kunnen zich dan twee problemen voordoen:

  • De taal gebruikt een andere character-set
  • De taal schrijft niet van links naar rechts, maar net andersom.
De keuze van de characterset kan je opgeven in bv de HTML tag. Maar kan in elk willekeurige tag om de taal van de tekst die de tag omvat te beschrijven. Bv <HTML LANG=”fr”>. Het opnemen van de taalcode heeft een aantal voordelen:
  • Helpt zoekmachines bij het bepalen van de taal
  • Helpt browsers bij het bepalen van afbrekingen in een webpagina (bij elke taal anders)
  • Helpt bij de spellingscontrole

Naar Boven

  <HTML></HTML>    

Tussen deze tags gaat je hele webpagina


<HEAD></HEAD>    

Deze tag bevat de <TITLE></TITLE> tag en vaak ook meta tags (kom ik later op terug, heeft te maken met zoekmachines etc)


<TITLE></TITLE>     

De tag bevat de titel van de webpagina (dus niet de bestandsnaam) en moet een duidelijke omschrijving van de inhoud van de webpagina zijn


<BODY></BODY>     

Hier tussen komt de inhoud te staan die door de browser op het scherm zal worden getoond. De body tag kan een aantal attributen bevatten, waaronder:

  • TEXT=”#RRGGBB”
    bepaalt de standaardkleur van tekst in de webpagina
  • BGCOLOR=”#RRGGBB”
    bepaalt de achtergrondkleur, standaard is dit meestal grijs
  • BACKGROUND="naamplaatje.gif"
    zorgt ervoor dat er een plaatje (hetzij in gif hetzij in jpeg formaat) op de achtergrond wordt gezet. Zorg er wel voor dat de tekst op de voorgrond leesbaar blijft (kom ik later bij page design nog op terug)
Deze pagina gebruikt een <BODY TEXT="#ffff33" BACKGROUND="logo.gif"> tag.
Deze pagina gebruikt TEXT en BGCOLOR attributen, wat een blauwe achtergrond en rode tekst oplevert:<BODY TEXT=#cc0033 BGCOLOR=#003333>

Naar Boven

  <P>
Je kunt met deze tag je tekst opdelen in paragrafen. Het voegt een lege regel toe na zichzelf. Geen eindtag nodig.


<BR>
Hiermee kun je een regel beeindigen. Geen eindtag nodig. Bekijk de sourcecode van deze webpagina maar eens, er worden heel veel<BR> gebruikt.

<CENTER></CENTER>
Hiermee kun je tekst centreren


<BLOCKQUOTE></BLOCKQUOTE>
Hiermee kun je tekst aan beide kanten, dus aan beide margins laten inspringen, zoals dat vaak in gedrukte media gebeurt met citaten.


Dit is een voorbeeld van een tekst die opgemaakt is met de blockquote-tag. Zoals je ziet wordt aan beide kanten van de tekst ingesprongen.

Naar Boven

  Fonts
<font></font>
deze tag gebruik je om de stijl (kleur, lettertype en lettergrootte) van de tekst te beinvloeden

Font grootte
De twee meest gebruikte manieren om de grootte van een font te veranderen is dmv zgn. heading tags en de SIZE attibuut van de FONT tag:
1. De tags <H1></H1> tot en met <H6></H6> geven tekst in steeds kleinere groottes weer

Deze tekst staat tussen <H1>

Deze tekst staat tussen <H2>

Deze tekst staat tussen <H3>

Deze tekst staat tussen <H4>

Deze tekst staat tussen <H5>
Deze tekst staat tussen <H6>


2. Het SIZE attribuut van de FONT tag kan gebruikt worden om de grootte van de tekst te bepalen. Niet elke browser ondersteunt dit, maar de meest populaire (Netscape en MicroSoft Explorer). De syntax is:

<FONT SIZE=+N> of <FONT SIZE=-N> of <FONT SIZE=N>

waarbij N een klein getal is, meestal 1, 2, of 3. De “+” en “-“ tekens duiden op een relatieve verhouding ten opzicht van de basisfont.

 Deze tekst staat tussen <FONT SIZE=+1> 
Deze tekst staat tussen <FONT SIZE=+2 COLOR=#9933CC> 
Deze tekst staat tussen <FONT SIZE=+3>  
Deze tekst staat tussen <FONT SIZE=-1> 
Deze tekst staat tussen <FONT SIZE=-2> 

Font Kleur
Ook gebruik je de FONT-tag om (een deel van) je tekst een kleur te geven door het attribuut COLOR toe te voegen. Bijvoorbeeld:

 <font color=”#OOCCOO”></FONT>
 In deze zin is <font color=”#00CC00”>deze tekst</FONT> groen
 In deze zin is deze tekst groen

Font Lettertype
Door het attribuut FACE te gebruiken kun je het lettertype veranderen. Het is meestal gebruikelijk om meerdere lettertypen op te geven, omdat verschillende besturingsystemen verschillende lettertypen kennen (Voor Windows wordt meestal Arial gebruikt, voor Unix en de Mac Helvetica ). Als het lettertype niet op de machine van de browser aanwezig is, wordt meestal een standaardlettertype door de browser gekozen. Dit kan effect hebben op hoe je webpagina wordt weergegeven in de browser. Tijdens Page Design/Content Design kom ik hier nog op terug. Bijvoorbeeld:

 FONT FACE="Arial">Tekst in Arial font</FONT>
Tekst in Arial font


Je kunt natuurlijk alle attributen bij de FONT tag gebruiken: bv

Deze tekst is gemaakt door <FONT FACE="Arial,Helvetica" SIZE=-1 COLOR=#9933cc> te gebruiken.

Naar Boven

 
 <B></B>   Hiermee kun je tekst vet maken
 <I></I>     Hiermee kun je tekst cursief maken
 <U></U>   Hiermee kun je tekst onderlijnen
 <SUB></SUB>    Hiermee kun je tekst als subscript weergeven
 <SUP></SUP>    Hiermee kun je tekst als superscript weergeven

Naar Boven

 
Bewaren van bestaande opmaak <PRE></PRE>
tekst die tussen deze tags staan, worden op exact dezelfde manier weergegeven als ze waren ingetikt, dus inclusief meerdere spaties en regeleinden (die normaal genegeerd worden). Het nadeel is dat het wordt weergegeven in een standaardfont zoals COURIER wordt weergegeven. Maar soms kan de opmaak dmv HTML anders veel tijd kosten of gewoon te moeilijk zijn.

Naar Boven

  Commentaar
Tekst wat tussen <!-- en --> staat, wordt door de browser genegeerd. Het is een goed gebruik om (zeker bij websites die uit veel pagina’s bestaan) je webpagina’s van commentaar te voorzien. Zeker als iemand anders het werk later over zal nemen of als je met anderen tegelijk aan een website werkt.

Naar Boven

  Lijnen
Met de <HR> tag kun je horizontale lijnen op het scherm afbeelden. <HR> kent geen eindtag. Je kan daarbij gebruik maken van de volgende optionele attributen:
    NOSHADE     (lijn zonder 3D-effect)
    SIZE=NN     (waarbij NN de hoogte van de lijn in pixels is)
    WIDTH=NN     (waarbij NN de breedte van de lijn in pixels is)
    WIDTH=NN%      (waarbij NN% een percentage van het totale beeldscherm is) ALIGN=left|right|center (de plaats van de lijn op het scherm, standaard is in het midden, center)

Hier zijn een paar voorbeelden:

Alleen <HR>


<HR NOSHADE>


<HR SIZE=10>

<HR WIDTH=50>

<HR WIDTH=50 align=left%>

Naar Boven

  Lijsten (opsommingen)

Er zijn tags voor drie typen lijsten:

  1. De ongeordende lijst
  2. De geordendende lijst
  3. De definitie lijst

Een ongeordende lijst:

<UL>
  <LI>stip met tekst</LI>
  <LI>stip met tekst2</LI>
</UL>

Begint met <UL> en eindigt met </UL>.Elk onderdeel van de lijst tussen <LI> en </LI> en wordt op het scherm voorafgegaan door een bullet (of stip). Bijvoorbeeld:

  • stip met tekst
  • stip met tekst2

Een geordende lijst:

<OL>
  <LI>1. met tekst</LI>
  <LI>2. met tekst2</LI>
</OL>

Begint met <OL> en eindigt met </OL>. Elk onderdeel van de lijst tussen <LI> en </LI> en wordt op het scherm genummerd afgebeeld. Bijvoorbeeld:

  1. 1. met tekst
  2. 2. met tekst2

De definitie lijst
Definitie lijsten bestaan uit termen en definities.   <DL>
  <DT>
    Hier komt de term
  </DT>
  <DD>
     En hier komt de definitie van de term
  </DD>
</DL>
De definitie lijst begint dus met <DL> en eindigt met </DL>. Vervolgens komt tussen <DT> en </DT> de term te staan, gevolgd door <DD> en </DD> waar de definitie van de term komt. Bijvoorbeeld:

Hier komt de term
En hier komt de definitie van de term

Je kunt ook geneste lijsten hebben (dus lijsten in lijsten). Hier is een voorbeeld

<OL>
  <LI>1. met tekst</LI>
  <UL>
    <LI>stip met tekst</LI>
    <LI>stip met tekst2</LI>
  </UL>

  <LI>2. met tekst2</LI>
  <UL>
    <LI>stip met tekst</LI>
    <LI>stip met tekst2</LI>
  </UL>

</OL>

Dit geeft:

  1. 1. met tekst
    • stip met tekst
    • stip met tekst2
  2. 2. met tekst2
    • stip met tekst
    • stip met tekst2
Volgende week meer.
©Petra Smit  Tekst en Informatietechnologie