1 CENT

 

Willem I

Gekroonde W tussen het jaartal.

Keerzijde; Gekroond wapen van Nederland tussen 1 - C. Gladde rand.

Materiaal; Koper.

   

Utrecht                  Brussel


Utrecht;

Gebakerd kindje;

1817   Slechts enkele proefstukken middellijn 22 mm. RRR.

Fakkel;

1818    Slechts enkele proefstukken middellijn 20 mm. RRR.

1819    165.000 stuks. R.

1821    10.235.000 stuks

a. Medailleslag. Zie uitleg.

b. 1281 in plaats van 1821 (Chinese of Indische vervalsing).

 

1822    18.462.000 stuks

a. 2 Medailleafslagen. Zie uitleg.

b. Dikke afslag in koper (piedfort) 6,38 gram RRRR.

c. Met klop Pijlbundel.

 

1823    22.300.130 stuks

a. 2 Afslagen in goud. 3,25 of 3,5 gram en een exemplaar van 5,35 gram. RRRR.

b. Afslag in zilver. 3,69 gram. RRRR.

c. Medailleslag. Zie uitleg.

 

1824    5.454.000 stuks

1826    4.600.000 stuks

a. Afslag in goud. 3,25 of 3,5 gram

b. Misslag incusuum. RR.

Uit eigen collectie.

 

1827    27.450.000 stuks

a. 4 Afslagen in goud. 3,25 en 3,5 gram. RRRR

b. Medailleslag. Zie uitleg.

 

1828    8.260.793 stuks

1830    1.750.000 stuks

1831    4.160.912 stuks

1837    5.202.541 stuks

a. Dikke afslag in koper (piedfort) 4,80 gram. RRRR.


Brussel;

Palmtak;

1821    113.132 stuks. RR.

1822    6.718.142 stuks

a. Geslagen op dun muntplaatje.

 

1823    11.271.756 stuks

1824    143.822 stuks. RRR

1826    7.823.928 stuks

a. Medailleslag. Zie uitleg.

 

1827    20.966.319 stuks

a. Dikke afslag in koper (piedfort) 6,75 gram. RRRR.

 

1828    7.607.672 stuks

a. 2 Dikke afslagen in koper (piedforts) 6,85 en 5,93 gram. RRRR.


Overig;

Er zijn van diverse jaren  misslagen en incuse exemplaren van Centen voorgekomen.

Misslag  R,  Incuse RR.

 

Klik hieronder voor;

Info over de afscheiding met België en de gevolgen van het muntgeld.

Klik hieronder voor;

Uitleg over de zogenaamde Medailleafslagen..


Willem III

Gekroonde W tussen het jaartal.

Keerzijde; Gekroond wapen van Nederland tussen 1 - C. Gladde rand.

   

Zwaard                 Bijl


Zwaard;

1860    2.032.000 stuks

1861    2.050.000 stuks

1862    2.026.000 stuks

1863    10.246.000 stuks

1864    2.026.000 stuks

1870    4.010.000 stuks

1873    3.026.000 stuks

a. Excentrische misslag.

 

Bijl;

1875    3.015.000 stuks

a. Afslag in zilver. RRR

b. Afslag in goud. 7,5 gram. RRRR

 

1876    13.047.000 stuks

a. Afslag in zilver. RRR.

b. Afslag in zilver op 3-voudige dikte (piedfort), ongeveer 15 gram. RRRR.

c. Afslag in goud. 10,5 gram. RRRR.

 

1877    11.026.000 stuks

a. Afslag in goud. 7,75 gram. RRRR.


Gekroonde leeuw met zwaard en pijlbundel op een veld van azuur met 15 blokken, binnen een parelrand.

Omschrift;  Koningrijk der Nederlanden en het jaartal.

Keerzijde; Binnen een krans van 2 samengebonden oranjetakken 1 - Cent.

Kartelrand,  Materiaal; brons.

De stempel is vervaardigd door de graveur Menger.

Bijl


Bijl;

1877    6.100.000 stuks

1878    53.900.000 stuks

1880    20.000.000 stuks

a. Op dikker muntplaatje geslagen 3,05 gram. RRR.

 

1881    10.000.000 stuks

1882    5.000.000 stuks

1883    15.000.000 stuks

1884    10.000.000 stuks

a. 3 Afslagen in goud. 5,4 gram / 5,25 gram en 4,91 gram. RRRR.


Overig;

Rondel (halffabrikaat) 1 cent 1877-1941, opgestuikte rand.

 

Ontwerp 1 Cent Willem III, materiaal brons/nikkel

Onafgewerkt hoofd van de koning naar rechts in een cirkel. Omschrift Willem III Koning der Nederlanden G.H.V.L.*

Keerzijde; 1 - Cent 1860 binnen 2 eikentakken.

a. Brons. 3,8 gram / 6,8 gram. RRR.

b. Nikkel. 6,2 gram. RRRR.

 

Er bestaat een ontwerp voor een 1 cent. Met aan de voorzijde alleen een cirkel ongeveer 10% uit het midden. Hierin staat 1 cent. Deze is vermoedelijk vervaardigd als voorbereiding voor de muntslag in 1870.  RRR.


Wilhelmina

Gekroonde leeuw met zwaard en pijlbundel op een veld van azuur met 15 blokken, binnen een parelrand.

Omschrift;  Koningrijk der Nederlanden en het jaartal.

Keerzijde; Binnen een krans van 2 samengebonden oranjetakken 1 - Cent.

Kartelrand,  Materiaal; brons.

De stempel is vervaardigd door de graveur Menger.

Hellebaard


Hellebaard;

1892    5.000.000 stuks

1896    3.000.000 stuks

1897    2.500.000 stuks

1898    5.000.000 stuks

1899    5.100.000 stuks

1900    12.400.000 stuks*

* Deze cent vertoont na een tijd in omloop te zijn geweest, slijtage in het midden van de leeuw. Bovendien bestaan er 2 verschillende stempels;


1901    10.000.000 stuks*

* Type 1a;

Zelfde als voorgaande omschrijving, doch wapen en oranjetakken van andere tekening en met KoninKrijk.

1901    10.000.000 stuks*

* Type 1b;

Zelfde als voorgaande omschrijving, doch met KoninGrijk. De letter van het omschrift, de leeuw, enz. en het munt en muntmeesterteken groter. Slechts 10 blokken in het veld.


Het omschrift met kleinere letters. Muntmeester- en muntteken kleiner. 

De leeuw meer heraldisch afgebeeld, en met 15 blokken in het veld. De waarde aanduiding groter.

Hellebaard


Hellebaard;

1902    10.000.000 stuks*

a. Afslag in goud. 5,5 gram. RRRR.

* Bij deze centen zijn er varianten in de plaatsing van het muntteken namelijk dichterbij of verder weg van de laatste n van Nederlanden.

 

1904    10.000.000 stuks

1905    10.000.000 stuks

1906    9.000.000 stuks

a. Er bestaat een afslag in zilver met een gladde rand, maar dit is een vals exemplaar.

 

1907    6.000.000 stuks


Nieuwe stempels; 

Het wapen is veranderd (ander type kroon), de oranjetakken eveneens van veranderde tekening en grotere letters.

    

Zeepaardje            Druiventros


Zeepaardje;

1913    5.000.000 stuks

1914    9.000.000 stuks

1915    10.800.000 stuks

1916    21.700.000 stuks*

* De centen van 1913-1915 verschillen iets van de centen van 1917 en latere jaren, o.a. is het muntmeesterteken bij de oudere dikker. Ook de letters zijn dikker waardoor sommige letters vrijwel aan elkaar vast zitten, bijvoorbeeld  rl en an van Nederlanden. Van 1916 komen beide varianten voor. Bovendien nog twee vormen van de 6 (meer of minder overhangende punt van de 6).

 

1917    20.000.000 stuks

1918    10.000.000 stuks

1919    6.000.000 stuks

a. Met klop O.Z.O.  Oranje Zal Overwinnen.

Uit eigen collectie.

 

1920    11.400.000 stuks

1921    12.600.000 stuks

1922    20.000.000 stuks

1924    1.400.000 stuks. S.

1925    18.600.000 stuks

1926    10.000.000 stuks

1927    10.000.000 stuks

1928    10.000.000 stuks

1929    20.000.000 stuks

1930    10.000.000 stuks

1931    3.400.000 stuks. S.

 

Druiventros;

1937    10.000.000 stuks

1938    16.600.000 stuks

1939    22.000.000 stuks

1940    24.600.000 stuks*

* Waarvan ruim de helft geslagen voor de Duitse bezetting op 14 mei 1940.

1941    66.600.000 stuks*

* Geslagen tijdens de Duitse bezetting.


Excentrische misslag;

Keerzijde normaal. R.

Uit eigen collectie.


Munten door de Nederlandse regering in Amerika geslagen;

Omschrijving als voorgaand doch muntteken; P (Philadelphia)

Palmboom


Palmboom;

1942    2.500.000 stuks

a. Proefslagen in roestvrij staal. RRR

Uit eigen collectie.

 

1943    4.000.000 stuks

a. Bruine kleur. R.

Uit eigen collectie.

Het gehalte van deze centen is door oorlogsomstandigheden veranderd, waardoor de kleur geel geworden is, hoewel er ook bruine exemplaren zijn voorgekomen.


Zinken munten;

Voorzijde; Rechtkruis. Op lint: Nederland. 

Keerzijde; Waarde-aanduiding met vier golven en korenaren.

Door Nico de Haas ontworpen. Kartelrand.


1941    31.800.000 stuks

1942    241.200.000 stuks

a. Dunne cijfers van het jaartal.

b. Dikke cijfers van het jaartal (vooral te zien in de kleinere driehoekige opening in de 4).

 

1943    71.000.000 stuks

1944    29.600.000 stuks

Voor wanneer deze munten uit circulatie zijn genomen zie geschiedenis.


In dit tijdperk zijn nog de volgende ontwerpen geslagen;

als voorgaande omschrijving, doch met centrale doorboring en twee vogels tussen het rechtkruis. Op de keerzijde drie golven in plaats van vier.


1941

a. Grove kartelrand. RRRR.

b. Fijne kartelrand en groter centrumgat. RRRR.

c en d. als a en b, doch de doorboring heeft nog niet plaats gevonden. Wel hebben deze dus de centrumcirkel. RRRR.

e. Zonder centrumcirkel, 3 korte golflijntjes. RRRR.

f. Keerzijde met vier golven, voorzijde met 2 vogels zonder doorboring. RRRR.

Er bestaan valse exemplaren van deze munt, vervaardigd uit doorboring van gewone zinken cent 1941. Dus met vier golven. Bovendien heeft de doorboring dan geen opstaande cirkel er omheen, en natuurlijk geen 2 vogels tussen het rechtkruis.

Deze ontwerpen zijn afgekeurd, omdat deze waren voorzien van een centrale doorboring. Op deze enkele zeer zeldzame stukken na zijn ze omgesmolten en vervangen door stukken zonder gat.


Excentrische misslag;

1942. R

Uit eigen collectie.

 

Foute slag van een 1 cent op een zinken  muntplaatje van een stuiver;

1942. RRR

 

Met klop V.V.S    Betekenis onbekend.

Jaartal onbekend. R.


Naoorlogse munten;

Voorzijde; Hoofd koningin Wilhelmina naar links, door L.O. Wenckebach.

Keerzijde; Waarde aanduiding 1 Cent

Brons, gladde rand.

Visje


Visje;

1948    175.000.000 stuks

Klik hieronder voor; 

Een overzicht van de ontwerpen 1947/1948, gebruikt voor het tot stand komen van de 1,5,10 en 25 cent muntstukken.


Juliana

Voorzijde; Hoofd koningin Juliana naar rechts, door L.O. Wenckebach.

Keerzijde; Waarde aanduiding 1 cent

Brons, gladde rand.

         

Visje                      Haan                      Haan met ster


Visje;

1949

a. 2 Exemplaren met de beeltenis van H.M. Juliana naar links i.p.v. rechts. RRRR.

 

1950    46.400.000 stuks

a. Enkele proefslagen met het woord 'proef'. RRRR.

 

1951    45.800.000 stuks

1952    68.000.000 stuks

1953    54.000.000 stuks

1954    54.000.000 stuks

1955    52.000.000 stuks

1956    34.800.000 stuks

1957    48.000.000 stuks

1958    34.000.000 stuks

1959    36.000.000 stuks

1960    40.000.000 stuks

1961    52.000.000 stuks

1962    57.000.000 stuks

1963    70.000.000 stuks

1964    73.000.000 stuks

1965    105.200.000 stuks

 

1966

a. Grotere cijfers van het jaartal, de rechtse 6 komt buiten de t van cent uit.  34.800.000 stuks*

b. Kleinere cijfers van het jaartal, de 6 niet buiten de t.  55.000.000 stuks

* Ontstaan doordat men als vergissing de ponsoen van het kwartje heeft gebruikt. 

 

1967    140.000.000 stuks

1968    28.000.000 stuks

1969    50.000.000 stuks

 

Haan;

1969    50.000.000 stuks

1970    100.000.000 stuks

1971    70.000.000 stuks

1972    40.000.000 stuks

1973    34.000.000 stuks

1974    46.000.000 stuks

1975    25.000.000 stuks

1976    15.000.000 stuks

1977    15.000.000 stuks

1978    15.000.000 stuks

1979    15.000.000 stuks

 

Haan met ster;

1980    15.300.000 stuks

 

De cent van Koningin Juliana is per 1 maart 1983 buiten omloop gesteld. Zie hiervoor ook geschiedenis.