|
Ik was voor het laatst in Moskou in april 1991, vlak
voor de putsch van augustus dus, met de bedoeling een korte Russische
taalcursus te volgen. Helaas maakte ik daar kennis met de plaatselijke
salmonella-cultuur, zodat ik hoofdzakelijk ziek op bed heb gelegen met een
buikloop waar zelfs Imodium geen enkele grip op had (wel de antibiotica die
ik na enige dagen tegen veel dollars op de Finse ambassade kon krijgen). In
ieder geval dacht ik toen bij mijzelf: "Hier zien ze me de komend tien
jaar niet meer".
Die tien jaar waren
voorbij en er moest ongetwijfeld zeer veel veranderd zijn. Misschien was het
een nog grotere puinhoop dan toen, misschien ook niet. Een fascinerende stad
zou het altijd nog zijn.
De eerste tekenen waren
niet hoopgevend. Op het reisbureau werd ik gewaarschuwd dat het aanvragen van
een visum zeer tijdrovend en duur zou zijn. Duur was het zeker (zo'n honderd
euro), maar wel zo geregeld. Dat viel dus mee.
Ook de vlucht viel erg
mee. Bij mijn eerdere reizen – ook in de winter – waren er steeds flinke
vertragingen, nu vertrokken we zelfs iets te vroeg.
Het oponthoud bij de
douane viel wat tegen (ik stond in de verkeerde rij achter een grote groep
Chinezen – volgende keer beter opletten dus), het duurde ongeveer een uur.
Hoefde ik in ieder geval niet meer op mijn koffer te wachten. De in Nederland
bestelde taxichauffeur (duur!) stond keurig te wachten. Met de puinhoop viel
het dus alleszins mee.
Hotel
Ik had een kamer geboekt in hotel Ukraina, één van de
zeven Stalin-wolkenkrabbers. Je moet trouwens om een toeristenvisum te
krijgen al vantevoren een hotel hebben geboekt. Het hotel ziet er zeer
imposant uit – dat was natuurlijk ook de bedoeling – , de kamer was nogal
eenvoudig. Maar ruim genoeg.
Bovendien werd er 's
avonds gebeld en vriendelijk gevraagd of ik belangstelling had voor sex.
Eénmaal 'nee' bleek niet voldoende, de stekker moest dus wel uit de telefoon.
Het ontbijt was al net zo indrukwekkend als het hotel zelf. Misschien niet
door kwaliteit, in ieder geval wel door kwantiteit en variatie.
Geld
Was geld in het
Sovjet-tijdperk een lastige kwestie, de roebel begint nu een normale valuta
te worden. Het zwart wisselen komt niet of nauwelijks nog voor en de
belachelijke 'harde valuta'-winkels bestaan niet meer. In- en
uitvoerbepalingen van valuta bestaan nog wel, maar een normaal
toeristenbudget behoeft niet meer te worden opgegeven.
Alles dient in ieder
geval in roebels betaald te worden. Voor de zekerheid had ik vooral dollars
meegenomen, die kun je immers altijd wisselen, maar de euro is zo goed als
bij iedere wisselgelegenheid te gebruiken. Sterker nog, men heeft geloof ik
liever euro's. Voor één euro kreeg je zo'n 35 roebels. Gepind heb ik niet,
bevreesd voor fraude. Terug in Nederland bleek mijn broer zijn pas
geblokkeerd omdat de automaat bij de Hema in Amstelveen was gemanipuleerd.
Russische maffia zeker . . .
Openbaar vervoer
Zoals bekend is de
metro van Moskou meer dan uitstekend. Een efficient netwerk van metrolijnen,
waarop in frequenties van één trein per twee minuten wordt gereden, prachtige
stations (nog steeds redelijk goed onderhouden) en een heleboel al dan niet
gezellige drukte maken het reizen meer dan de moeite waard. Je moet alleen
niet bang zijn toevallig net in de wagon te zitten waar een Tsjetsjeense
zwarte weduwe zich opblaast.
Het is het handigst om op bij de kassa op het station
een kaartje voor bijv. twintig ritten te kopen (r. 100). Kennis van het
cyrillische schrift is wel aan te bevelen, anders weet je niet op welk
station je bent. Van de (trolley)bus heb ik geen gebruik gemaakt.
Hoogtepunten
De vanzelfsprekende hoogtepunten zijn natuurlijk het Rode
Plein en het Kremlin. Een bezoek aan Kolomenskoe
of aan het Novodevitsji (jonge maagden) klooster mag ook niet
ontbreken (de jonge maagden heb ik wegens tijdgebrek toch gemist). Het Tretyakov-museum
heeft een indrukwekkende verzameling Russische beeldende kunst, maar het
schilderij dat ik wilde zien – een portret van Moessorgski door Ilya Repin –
hing er om de één of andere reden niet.
Kaartjes voor het Bolshoj-theater zijn
gewoon ter plekke aan de kassa te krijgen. Ik heb het Zwanenmeer van
Tsjaikovsky gezien, zeer obligaat natuurlijk en ook zeer prachtig (reken op
zo'n r. 2200).
De metro behoort ook zonder meer tot de
verplichte kost, Komsomolskaya geldt als het mooiste station, maar er zijn
genoeg andere prachtige voorbeelden (Kiev-station bijvoorbeeld).
Het uitzicht vanaf de Sparrenheuvel (metro
Verob'evy Gory) is zeer de moeite waard als er geen mist is. Maar ook met
mist is het een interessante plek vanwege al de pasgetrouwde bruidjes die met
opgetrokken trouwjapon door de blubber ploeteren. Let ook op de
super-imposante (v/h Lomonosov) Universiteit. Is niet te missen.
Maar het interessants van al is natuurlijk zoals in
iedere grote wereldstad het leven op straat. Of eronder, zoals
in de metro of in het nieuwe ondergrondse winkelcentrum Okhodniy Ryad.
Ook als je niet van winkelcentra houdt moet je er, althans in de winter, toch
naar binnen om de doodeenvoudige reden dat er veel meer gebeurt dan boven de
grond. Winkelcentrum GUM aan het Rode Plein is natuurlijk ook
niet te missen.
Eten en drinken
Een probleem kon het in de tijd van het reëel bestaand
socialisme zijn om een gelegenheid te vinden waar men zonder allerlei geregel
gewoon kon eten.
Dat is nu geen probleem meer. Café's en restaurants zijn
nog steeds wat dun gezaaid (vergeleken met Amsterdam in ieder geval), maar ze
zijn er voldoende.
En je wordt er niet meer door het personeel weggekeken. Sterker nog, je wordt
meestal correct en snel bediend. Echte aanbevelingen doe ik niet, maar ga
tussen de middag eens wat drinken in het ondergrondse food court (hoe heet
dat in het Nederlands?), dan zie je het drukke Moskouse leven aan je
voorbijtrekken. Na drieën wordt dat Moskouse leven zelfs zo druk dat je geen
zitplaats meer kunt vinden.
Boeken en Kaarten
De reisgids die ik steeds bij me had was The Rough Guide
Over de reisgidsen uit deze serie ben ik over het algemeen zeer tevreden, zo ook
over deze, maar er staan geen plaatjes in. Dat is soms wel jammer.
Daarnaast had ik de Architectural Guide to Moscow van
Aleksander v. Asimov meegenomen. Een handzaam boekje, wel met plaatjes, met
beschrijvingen van de 200 meest interessante gebouwen in Moskou.
Voor € 4,95 bij de Slegte verkrijgbaar.
De beste kaart die ik kon vinden was de Falkplan Extra in Standardfaltung. Let
er bij de aanschaf van een kaart op dat de nieuwe (oude) straatnamen worden
gebruikt. Kaarten met straatnamen uit het Sovjet-tijdperk worden nog steeds
verkocht en daar heb je echt niets aan! De geplastificeerde Insight Flexi Map
is ook erg nuttig en was daarom niet uit mijn binnenzak weg te slaan.
Klimaat
Voor het weer dat ik eind januari aantrof kent de
Nederlandse taal tal van uitdrukkingen die niet voor publicatie geschikt
zijn. Het kan er mooi zonnig vriesweer zijn – Moskou is dan prachtig – , dat
was het nu niet. Een afwisseling van regen en sneeuw zorgde voor een
glibberige natte blubber die het lopen nogal bemoeilijkte. Goede waterdichte
en slipvaste schoenen zijn een vereiste. Oftewel, ik ga van de zomer nog een
keer.
|